and Emigrants to America

Boerderij Landlust

       Terug naar:
•–»  Index van alle bijlagen

       Lees ook::
•–» De voorgeschiedenis
•–» De Kloosterman naam
•–» Het Jonkvrouwen klooster “Jeruzalem”

Boerderij “Landlust” te Wissekerke


In het boek “Oude boerderijen in Zeeland” geschreven door W.E.P. van IJsseldijk, (uitgegeven maart 1975), wordt een hoofdstuk gewijd aan de boerderij “Landlust” te Wissekerke (Noord-Beveland.), die o.a. gepacht werd door Jan Kloosterman. Deze boerderij op Noord-Beveland ligt in de Wissenkerkse polder en is zeer waarschijnlijk de oudste van het eiland.

Zoals algemeen bekend is ging vrijwel het gehele vroegere eiland door de stormvloed van 5 november 1530 verloren en al wat zich nog staande had gehouden, inundeerde bij de ramp van 2 november 1532. Eerst in 1598 won men de oud-Noordbevelandse polder op de zee terug, maar de Wissenkerkepolder werd niet eerder dan in 1652 opnieuw bedijkt.

Kaarten
Een eerste vrij duidelijke kaart van de Wissenkerkepolder werd in 1652 vervaardigd door de landmeters A. Verburgh en D. Kane. Hierop is de indeling van de polder aangegeven met de kreken, welke zich daar toen nog in bevonden. De hofsteden konden hierop uiteraard nog niet worden ingetekend, doch de plaats van de latere hoeve “Landlust” werd bepaald aan de zuidelijke dijk (tegenover de schorren van Geersdijk) in de hoek van deze dijk en de noord-zuid lopende Zuidkruisweg. In hoek 6 tw. de hoek tussen Langeweg, ’t Scheijd van Cortgene, Zuidkruis-dijk en de Zuidweg. Bij het Bokkegat (aan de noordzijde van de polder) brak gedurende de zware storm van 26 januari 1682 de dijk door. De polder liep “in” en ook “Landlust” zal toen door de golven omspoeld zijn geweest.

Eigenaars en pachters
De polderarchieven bleken verre van compleet te zijn en vooral van de overlopers (veldboeken), die in dit verband zo waardevol zijn, is weinig bewaard gebleven. Toen in 1652 de Wissenkerkepolder werd bedijkt, behoorden tot de belangrijkste eigenaars der schorren o.a. Het Oranjehuis, de families Campe, Van Tuyl van Serooskerke, Reigersberg, Van de Perre en Van Vrijberghe. Een van deze zal zeker de hofstede aan de Zuiddijk hebben gesticht, doch gezien het ontbreken -althans niet vinden -van nadere gegevens, is onbekend wie dat is geweest.

Eerst over het jaar 1760 treffen we gegevens aan over eigenaars en pachters in de polder. Van de eigenaars noemen we: De Prins van Oranje (Willem V), de families Van den Brande, Van Gelre, Marinusse, P. van As, Sevenbergen, Vincent Bolle, Willem de Looff, Corn. Geelhoed, Corn. Teerlings Erven, Hendrik Taselaar, Marinus Heijmans en Iman Cau. Dit waren de voornaamste personen met een grondbezit van meer dan 60 tot 130 gemeten. In de meeste gevallen was deze eigendom nog ongewijzigd in 1773.

Sommige pachters in 1760 waren in 1773 eigenaars van de eerder gepachte percelen geworden en anderen hadden in die jaren naast een bezit ook gronden in pacht. Belangrijkste pachters waren in die periode: Pieter Geelhoed, Jacobus de Looff, Hendrik Taselaar, Hendrik Cramer, Jan Kloosterman, Jan Verhulst, Adr. Maas. Marinus Heijmans was eigenaar van “Landlust” in 1782. Reeds in 1760 bezat Heijmans deze boerderij; eigenaars voor hem konden we niet opsporen.

Marinus Heijmans bleef in het bezit van de hofstede en na hem nog enige tijd zijn weduwe. Tot deze op 13 juli 1785 het bedrijf verkocht aan de weduwe Mr. Johan Willem Parker en haar zoon Wilhelm Parker te Middelburg. De familie Parker hield deze boerderij in bezit tot omstreeks 1838. In 1836 staat ze op naam van Johan Willem Parker, doch in 1839 is de hoeve reeds eigendom van Willem Lodewijk Vader, te Wissekerke

Voor het eerst in 1819 treed als eigenaar van gronden in de Wissenkerkepolder een lid der familie Vader op. Dit geslacht speelt reeds gedurende de Franse overheersing en nog daarna een belangrijke rol in de ambachtsheerlijkheden Kortgene en Wissekerke.

Omtrent de pachters van “Landlust” zijn er weinig gegevens te vinden. Van 1879 -1900 waren dat A.C. Verhulst, die erin totaal 21 jaren het landbouwbedrijf uitoefenden. G.C. Maris woonde en werkte er van 1900 tot 1929. Zijn opvolger was A.C. Hanse (gehuwd met een dochter van Maris). Hij was er pachter van 3 mei 1929 tot 23 oktober 1956. Zijn zoon A.C. Ranse Jr. was pachter tot 21 april 1969 en vertrok toen naar een bedrijf in de Flevopolder.

Landlust nu ?
In 1874 is de eigenaar L.J.P. Vader. In 1894 worden genoemd: Mr. D.H.D. van Voorst, J.H. Vader van ‘s-Gravenpolder Als laatste lid dezer familie, dat “Landlust” in eigendom had, is te noemen J.W.A. van Voorst Vader te Hilversum, die de hofstede verkocht aan de Stichting tot Beheer van Landbouwgronden. Daarna zijn de gebouwen en een deel der gronden in eigendom overgegaan op de heer Van der Maas, die zich op de fruitteelt toelegt.